Signaalwoorden

star goldstar goldstar goldstar goldstar goldFemaleMale
25 Vragen - Ontwikkeld door: - Ontwikkeld op: - 79 keer opgeroepen

  • 1
    Het signaalwoord "aan de ene kant ... aan de andere kant" behoort tot het vergelijkend verband.
  • 2
    Het signaalwoord "ten slotte" behoort tot het concluderend verband.
  • 3
    Het signaalwoord "ofschoon" behoort tot het toegevend verband.
  • 4
    De signaalwoorden "daarom", "namelijk", "aangezien" en "bovendien" behoren allen tot het oorzakelijk verband.
  • 5
    Wij kennen twee signaalwoorden bij het samenvattend verband.
  • 6
    Het signaalwoord "om te beginnen" behoort het opsommend verband.
  • 7
    Het signaalwoord "al met al" komt bij meer dan een tekstverband voor.
  • 8
    Het signaalwoord "tevens" behoort tot het redengevend verband.
  • 9
    Het signaalwoord "als" behoort tot het tegenstellend verband.
  • 10
    Het signaalwoord "met andere woorden" behoort tot het concluderend verband.
  • 11
    De signaalwoorden "eerst", "dan" en "daarna" behoren tot het opsommend verband.
  • 12
    De signaalwoorden "daarom" en "omdat" behoren als enige signaalwoorden bij het redengevend verband.
  • 13
    Het signaalwoord "dat houdt in" behoort tot het concluderend verband.
  • 14
    De signaalwoorden "zo", "bijvoorbeeld", "zoals" en "neem nou" behoren allen tot het toelichtend verband.
  • 15
    Signaalwoorden kunnen tot meerdere tekstverbanden horen.
  • 16
    Het signaalwoord "vervolgens" behoort tot het chronologisch verband.
  • 17
    Het signaalwoord "niettemin" behoort tot het tegenstellend verband.
  • 18
    Het signaalwoord "tenzij" behoort tot het tegenstellend verband.
  • 19
    De signaalwoorden "daarvoor" en "daardoor" behoren tot het doel-middel verband.
  • 20
    De signaalwoorden "namelijk" en "kortom" behoren tot het concluderend verband.
  • 21
    Het signaalwoord "mits" behoort tot het voorwaardelijk verband.
  • 22
    De signaalwoorden "daarentegen" en "daarnaast" behoren beiden tot het tegenstellend verband.
  • 23
    Het signaalwoord "dus" behoort tot het tegenstellend verband.
  • 24
    Het signaalwoord "dat" blijkt uit behoort tot het redengevend verband.
  • 25
    Signaalwoorden worden ook wel 'functiewoorden' of 'verbindingswoorden' genoemd

Commentaarfunctie zonder quiz / ff / lijst

commentaren (0)

autorenew