Ingangstoets Farmacotherapie in detentie

star goldstar goldstar goldstar goldstar greyFemaleMale
12 Vragen - Ontwikkeld door: Marieke Schellart - Ontwikkeld op: - 40 keer opgeroepen

  • 1
    De bijwerkingen van SSRI's zijn voornamelijk maag-darmklachten en anticholinerge bijwerkingen
     Waar
     Fout
  • 2
    Onder anticholinerge bijwerkingen wordt verstaan droge mond, misselijkheid, obstipatie, urineretentie en tachycardie.
     Waar
     Fout
  • 3
    Tolerantie/ Afhankelijkheid bij gebruik van benzodiazepines treedt op na 2-4 weken aanhoudend gebruik.
     Waar
     Fout
  • 4
    Zolpidem en zopiclon hebben qua effecten nagenoeg dezelfde effect als de benzodiazepines.
     Waar
     Fout
  • 5
    Propranolol is een selectieve bètablokker en blokkeert alleen de effecten op de beta-1-receptor.
     Waar
     Fout
  • 6
    Buspiron is een partieel 5-HT-1A-receptor en bindt ook aan de D2-receptor
     Waar
     Fout
  • 7
    Bij langdurig gebruik van risperidon kunnen antidopaminerge verschijnselen, zoals extrapiramidale verschijnselen ontstaan.
     Waar
     Fout
  • 8
    Een belangrijke bijwerking van haloperidol is prolactinestijging; hierdoor kunnen menstruatiestoornissen, gynaecomastie en galactorroe ontstaan.
     Waar
     Fout
  • 9
    Ouderen die bekend zijn met diabetes mellitus hebben mogelijk een verhoogd risico op het ontstaan van een hyperglykemie in de eerste maand van het antipsychoticagebruik, vooral bij hoge doseringen.
     Waar
     Fout
  • 10
    Lithium heeft bij 50% van de patiënten binnen vier weken een stemmingsherstellend effect.
     Waar
     Fout
  • 11
    Methylfenidaat remt de heropname van dopamine en noradrenaline door het presynaptisch neuron en stimuleert de serotoninesreceptoren op het postsynaptische neuron.
     Waar
     Fout
  • 12
    Kinderen jonger dan 6 jaar moeten geen methylfenidaat gebruiken.
     Waar
     Fout