Zwemmen deel 2

  1. Ontwikkeld door: Elsemiek

De test gaat over de zwemslagen, natuurkunde, etc.

Vraag 1: Wat is de kwadraatswet?
Relatie tussen snelheid en weerstand
Relatie tussen snelheid en het gewicht
Relatie tussen snelheid en de vorm

Vraag 2: Om zo min mogelijk energie te verbruiken moet je
In een constante snelheid zwemmen, continue slagen maken
In een steeds snellere snelheid zwemmen, discontinue slagen maken
In een constante snelheid zwemen, discontinue slagen maken

Vraag 3: Wat gebeurt er tijdens een contra beweging?
Deze wordt met de stroom mee uitgevoerd, de relatieve snelheid t.o.v. het water wordt daardoor zeer groot
Deze wordt tegen de stroom in uitgevoerd, de relatieve snelheid t.o.v. het water wordt daardoor groot
Deze wordt tegen de stroom in uitgevoerd, de relatieve snelheid t.o.v. het water wordt daardoor zeer groot

Vraag 4: Welke soorten weerstand zijn er?
Frontale weerstand, turbulentie, golfweerstand en wrijvingsweerstand
Weerstand, golfweerstand en wrijvingweerstand
Frontale weerstand, boegweerstand, turbulentie, Weerstand, golfweerstand en wrijvingsweerstand

Vraag 5: Waar bestaat de vormweerstand uit?
Frontale weerstand, turbulentie (wervel of zuigingsweerstand)
Golweerstand en turbulentie (wervel of zuigingsweerstand)
Golfweerstand en wrijvingsweerstand

Vraag 6: Hoe kun je de vormweerstand beinvloeden?
Door de snelheid en uitgevoerde bewegingen
Door de ligging en uitgevoerde bewegingen
Door de ligging en de snelheid

Vraag 7: Wat zijn de restweerstanden?
Golfweerstand en de wrijvingsweerstand
Frontale weerstand en de golfweerstand
Frontale weerstand en wrijvingsweerstand
Golfweerstand en de zuigingsweerstand

Vraag 8: De hoeveelheid frontale weerstand wordt bepaald door
De snelheid van de projectie dat recht op de bewegingsrichting staat
Het gewicht van de projectie dat niet recht op de bewegingsrichting staat
De grote van de projectie dat niet recht op de bewegingsrichting staat
De grote van de projectie op het vlak dat recht op de bewegingsrichting staat
Het gewicht van de projectie dan recht op de bewegingsrichting staat

Vraag 9: De frontale weerstand van het lichaam bestaat uit
30%
45%
40%
25%
35%

Vraag 10: De weerstand wordt bepaald door
De beweging die de lichaams lengte as maakt
De beweging die de lichaams breedte as maakt
De hoek die de lichaams lengte as maakt
De hoek die de lichaams breedte as maakt

Vraag 11: Waardoor geeft water meer weerstand dan lucht?
De dichtheid van lucht is groter, in vergelijking met water is lucht 800x zo dicht
Allebeide beweren zijn juist
De dichtheid van het water is groter, in vergelijking met water is lucht 800X zo dicht

Vraag 12: Weerstand is voor te stellen als kracht, in welke richting?
Vergrotende kracht
Remmende kracht
Snellere kracht

Vraag 13: Beschrijf hoe je gestroomlijnd bent
Benen gesloten, armen voor en gestrekt naast elkaar, hoofd vooruit en lichaam zo gestrekt mogelijk
Benen gesloten, armen voor en gestrekt naast elkaar, hoofd tussen de armen en lichaam zo gestrekt mogelijk
Benen beetje uit elkaar, armen voor en gestrekt naast elkaar, hoofd tussen de armen en lichaam zo gestrekt mogelijk
Benen gesloten, armen naast het lichaam, hoofd tussen de armen en lichaam zo gestrekt mogelijk

Vraag 14: Wat is de relatie tussen weerstand en snelheid?
Het vergroten van negatieve weerstand levert een sterkere snelheid op
Het beperken van negatieve weerstand levert een langzame snelheid op
Het beperken van negatieve weerstand levert een sterkere snelheid op

Vraag 15: Wat is de relatie tussen snelheid en energie verbruik
De kracht die gelijk is aan de andere richting
De kracht die tegengesteld is aan de verplaatsingrichting
De kracht die gelijk is aan de verplaatsingrichting

Vraag 16: Waarom zijn continue slagen efficiënter dan discontinue slagen?
Als de snelheid continue is verbruik je meer energie
Als de snelheid continue is verbruik je minder energie
Als de snelheid discontinue is verbruik je minder energie

Vraag 17: Wat is de grootste bepaler van de hoeveelheid frontale weerstand?
De snelheid van het vlak dat loodrecht staat op de bewegingsrichting
De vorm van het vlak dat loodrecht staat op de bewegingsrichting
Van de projectie op het vlak dat loodrecht staat op de bewegingsrichting

Vraag 18: Welke invloed heeft ligging op de frontale weerstand?
De waterdeeltjes die op het lichaam botsen zijn er veel meer als je niet recht in het water ligt
De waterdeeltjes die op het lichaam botsen zijn er veel minder als je niet recht in het water ligt
De waterdeeltjes die op het lichaam botsen zijn er veel minder als je recht in het water ligt
De waterdeeltjes die op het lichaam botsen zijn er veel meer als jet recht in het water ligt

Vraag 19: Waarom vindt je in de leergangen altijd, de goede ligging, als eerste leerstap?
Als de bewegingen worden aangeleerd in de verkeerde ligging, deze goed verlopen
Als de beweging worden aangeleerd in de verkeerde ligging, deze bewegingen totaal anders verlopen
Als de bewegingen worden aangeleerd in de goede ligging, deze hetzelfde verlopen

Vraag 20: Waarom levert de 2-tak beenslag (ss) minder frontale weerstand dan de 3-tak?
De hoek bij de 2-tak is kleiner, zo wordt het frontale oppervlak groter
De hoek bij de 3-tak is kleiner, zo wordt het frontale oppervlak kleiner
De hoek bij de 3-tak is groter, zo wordt het frontale oppervlak groter

Vraag 21: Noem twee andere namen voor turbulentie?
Zuigingsweerstand en bewegingsweerstand
Zuigingsweerstand en frontale weerstand
Zuigingsweerstand en zog
Frontale weerstand en zog

Vraag 22: Waardoor ontstaat het zog?
Het water dat door het lichaam opzij is geduwd sluit naast het lichaam weer aaneen
Het water wordt door het lichaam naar voren geduwd en sluit weer voor het lichaam aan
Het water dat door het lichaam opzij wordt geduwd sluit weer achtereen achter het lichaam

Vraag 23: Hoe hoog is het percentage van de totale weerstand voor de zuigingsweerstand?
60%
50%
30%
40%
70%

Vraag 24: Welke golfweerstanden zijn er?
Boeggolf en verder niet
Boeggolf en de golfbeweging op het scheidingsvlak
Boeggolf en kaatsgolf

Vraag 25: Welke beweging maken de waterdeeltjes in een golf?
Ze verplaatsen zich naar voren de top kent een achterwaartse beweging
Ze verplaatsen zich naar voren en naar achteren de top kent voorwaartse beweging
Ze verplaatsen zich naar achter de top kent een voorwaartse beweging

Vraag 26: Waarom starten de snelste zwemmers in de middenbanen?
De top van een golf werkt de zwemmer tegen, de andere zwemmers veroorzaken dit
De top van een golf zuigt de zwemmer mee, de andere zwemmers veroorzaken die golf
De top van de golf zuigt de zwemmer mee, de andere zwemmers hebben hier geen last van

Vraag 27: Waarom is het zwaar zwemmen in ondiep water?
Doordat stoffen van verschillende dichtheid niet langs elkaar heen strijken ontstaat er een golfbeweging
Doordat stoffen van dezelfde dichtheid langs elkaar strijken ontstaat er een golfbeweging
Doordat stoffen van verschillende dichtheid langs elkaar strijken ontstaat er op het scheidingsvlak een golfbeweging.

Vraag 28: Wat is effect van overloopgoten en drijvende baanafscheidingen?
Om het effect van de golven te vergroten
Om het effect van de terug kaatsende golven te verminderen
Om het effect van de terug kaatsende golven te vergroten

Vraag 29: Wat is het nadeel van het hoofd heffen bij de borstcrawl?
De benen zakken niet, de boeggolf gaat zich niet verplaatsen naar de schouders, dit kost meer energie
De benen zakken, de boeggolf gaat zich verplaatsen naar de schouders, dit kost meer energie
De benen zakken, de boeggolf verplaatst zich niet naar de schouders, dit kost minder energie

Vraag 30: Wat gebeurt er als twee stoffen over elkaar heen strijken?
Ontstaat er op het scheidingsvlak een golfbeweging
Ontstaat er op het rechte vlak een golfbeweging
Ontstaat er op het scheidingsvlak geen golfbeweging

t < 30 min

Oordeel:



681 keer opgeroepen
De quiz is ontwikkeld op: 2011-07-01

Ontwikkeld door:

Geef je oordeel!

zeer slecht   zeer goed
 
1 2 3 4 5

quizzes and tests   Quiz und Tests