Spelregeltrainer COVS Drachten met 30 vragen

  1. Ontwikkeld door: Jan Pultrum

Vraag 1: Staande buiten het strafschopgebied slaat een verdediger een aanvaller, die in het strafschopgebied staat. Hoe reageert de scheidsrechter, als de bal op het ogenblik van slaan in het spel is?
Wegzending van de slaande speler door het tonen van de rode kaart en hervatten met een strafschop.
Wegzending van de slaande speler door het tonen van de rode kaart en hervatten met een directe vrije schop op de lijn van het strafschopgebied.
) Wegzending van de slaande speler door het tonen van de rode kaart en hervatten met een directe vrije schop op de plaats waar de slaande speler stond.
Wegzending van de slaande speler door het tonen van de rode kaart en hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen de scheidsrechter het spel onderbrak.

Vraag 2: . Tijdens de wedstrijd ontstaat ineens verwarring omdat een toeschouwer op een fluitje blaast. Wat beslist de scheidsrechter als een speler nabij de zijlijn de bal in zijn handen heeft genomen omdat hij van mening was dat de scheidsrechter had gefloten?
) De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken
De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding.
) De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding
De scheidsrechter onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop op de plaats van de overtreding. De speler die de bal in zijn handen pakte ontvangt de gele kaart.

Vraag 3: . Terwijl de bal in het spel is, maakt een speler zich schuldig aan gewelddadig gedrag tegenover een medespeler binnen het speelveld. De overtredende speler wordt van het speelveld gezonden door het tonen van de rode kaart. De scheidsrechter hervat het spel met een:
) Directe vrije schop.
Strafschop.
) Scheidsrechtersbal.
) Indirecte vrije schop.

Vraag 4: . De scheidsrechter moet een wedstrijd tijdelijk onderbreken, als de tijd die verloopt tussen het zien van een bliksemflits en de daaropvolgende donderslag minder is dan
) 15 seconden.
20 seconden.
) 10 seconden.
) 12 seconden.

Vraag 5: . Een veldspeler neemt een doelschop, struikelt en speelt de bal, voordat deze buiten het strafschopgebied is, opzettelijk met de hand. Wat beslist de scheidsrechter?
Indirecte vrije schop tegen de nemer wegens het tweemaal spelen van de bal.
) Strafschop wegens het spelen van de bal met de hand.
) Doelschop overnemen.
Doorspelen.

Vraag 6: . Met de bal tussen de benen geklemd slaagt een aanvaller er al huppend in het doelvlak van de tegenpartij volledig te passeren. Wat beslist de scheidsrechter?
Een indirecte vrije schop tegen de aanvaller. Men mag niet met twee benen aanvallen.
) Een indirecte vrije schop tegen de aanvaller, omdat deze speelwijze gevaarlijk spel uitlokt.
Een indirecte vrije schop tegen de aanvaller en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.
Een aftrap na geldig doelpunt

Vraag 7: Een wisselspeler loopt van de spelersbank het speelveld in. In zijn eigen strafschopgebied trapt hij een tegenstander. De scheidsrechter heeft het trappen van de twaalfde speler zien gebeuren. Hoe reageert hij?
) Hij onderbreekt het spel, zendt de wisselspeler van het speelveld en hervat met een strafschop.
Hij onderbreekt het spel, geeft de wisselspeler een waarschuwing en hervat met een strafschop.
Hij onderbreekt het spel, zendt de wisselspeler van het speelveld en hervat met een scheidsrechtersbal.
Hij onderbreekt het spel, zendt de wisselspeler van het speelveld en hervat met een indirecte vrije schop.

Vraag 8: . Bij een inworp laat de inwerpende speler zich voorover vallen en duwt de bal hardhandig in het gezicht van een tegenstander die zich binnen het speelveld bevindt. Hoe wordt het spel hervat, nadat de inwerpende speler van het speelveld is gezonden door het tonen van de rode kaart?
) Met een directe vrije schop op de plaats waar de tegenstander stond.
Met een inworp voor dezelfde partij.
) Met een inworp voor de tegenpartij.
Met een directe vrije schop op de zijlijn, het dichtst gelegen bij de plaats waar de inwerpende speler stond.

Vraag 9: . Een speler neemt een indirecte vrije schop vanuit zijn eigen strafschopgebied. De bal is in het spel nadat:
) Hij een afstand gelijk aan zijn omtrek heeft afgelegd.
) Hij een afstand gelijk aan zijn omtrek heeft afgelegd en buiten het strafschopgebied is gekomen.
Hij rechtstreeks buiten het strafschopgebied is getrapt.
) Hij door een medespeler of tegenstander is aangeraakt.

Vraag 10: . De wedstrijd moet voor het nemen van een strafschop verlengd worden. De bal stuit vanaf de lat omlaag, raakt voor de doellijn de grond en verdwijnt vandaar door een oneffenheid in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Het doelpunt is geldig.
)) Het doelpunt wordt afgekeurd. De strafschop had zijn uitwerking gehad toen de bal van de lat de grond raakte. Einde wedstrijd.
) Het doelpunt is geldig, omdat de doelverdediger de bal niet raakte.
) Doordat hier een onvolkomenheid in het veld een rol speelt, moet de strafschop worden overgenomen

Vraag 11: . Een speler staat buitenspel wanneer hij dichter bij de doellijn van de tegenpartij is dan:
De bal, op het moment dat deze wordt gespeeld.
) Dat hij niet minimaal twee tegenstanders voor zich heeft op het moment dat hij de bal ontvangt.
) De bal, op het moment dat hij deze ontvangt.
) De bal, wanneer hij deze heeft verloren en terug gaat om deze weer te kunnen spelen.

Vraag 12: Mag de scheidsrechter een door hem gegeven waarschuwing ongedaan maken?
) Ja, als hij ervan overtuigd is dat de waarschuwing ten onrechte is gegeven.
Ja, als de aanvoerder van de tegenpartij akkoord gaat.
Nee, tenzij hij heeft verzuimd de aanvoerder van de waarschuwing op de hoogte te stellen.
) Nee, dit is onder geen enkele omstandigheid toegestaan.

Vraag 13: Tijdens een oponthoud in de wedstrijd, bijvoorbeeld voor het nemen van een doelschop, hoekschop of inworp, loopt de bal leeg. Hoe dient de scheidsrechter nu te handelen?
De scheidsrechter zal hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal leeg liep.
) De scheidsrechter zal altijd hervatten met een beginschop.
Het spel wordt hervat al naar gelang dit zou gebeuren indien de bal niet leeg was gelopen.
) De scheidsrechter zal altijd hervatten met een scheidsrechtersbal.

Vraag 14: Een toeschouwer probeert binnen het doelgebied de bal tegen te houden, die in het doel dreigt te gaan. Hij slaagt hierin. De bal rolt vervolgens over de doellijn buiten de palen. Wat is de spelhervatting?
Een indirecte vrije schop vanaf elk willekeurig punt binnen het doelgebied.
) Een scheidsrechtersbal
) Een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal geraakt werd.
) Een doelschop.

Vraag 15: . Tijdens het spel heeft een speler toestemming gevraagd en gekregen van de scheidsrechter om het speelveld definitief te verlaten omdat hij geblesseerd is. Lopend naar de zijlijn komt de bal in zijn buurt. Hij trapt de bal naar een medespeler die de bal gelijk net over het doel schiet. Wat zal de scheidsrechter nu beslissen?
Hij toont de geblesseerde speler een gele kaart en hervat het spel met een scheidsrechtersbal.
) Hij toont de geblesseerde speler een gele kaart en hervat het spel met een indirecte vrije schop op de plaats waar deze de bal speelde
) Hij toont de geblesseerde speler een gele kaart en hervat het spel met een doelschop.
) Hij hervat het spel met een doelschop.

Vraag 16: De scheidsrechter fluit per ongeluk en wil zijn fout herstellen. Dat kan door:
) Door snel weer te fluiten.
Het geven van een vrije schop aan de partij die op dat moment in balbezit was.
) Te roepen “doorspelen”.
Het geven van een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was op het moment dat de scheidsrechter floot.

Vraag 17: Mag een speler op hetzelfde moment worden aangevallen door twee tegenstanders?
Nee, de scheidsrechter moet een directe vrije schop toekennen aan de tegenpartij.
Dit mag wel, maar het moet correct gebeuren, dus in strijd om de bal en schouder tegen schouder.
Nee, de scheidsrechter moet een scheidsrechtersbal laten uitvoeren.
Nee, de scheidsrechter moet een indirecte vrije schop toekennen aan de tegenpartij.

Vraag 18: De doelverdediger stopt al vallend een schot van een aanvaller. Het schot is echter zo hard, dat de bal van zijn borst stuit. Op ongeveer 1 meter afstand staat een verdediger. Deze stopt de bal met de voet, waarna de doelverdediger de bal weer snel oppakt. Wat beslist de scheidsrechter?
Hij bestraft de doelverdediger met een indirecte vrije schop wegens het tweemaal spelen van de bal.
) Hij bestraft de doelverdediger met een indirecte vrije schop wegens het met de handen aanraken van een “terugspeelbal”.
Hij laat doorspelen
Hij bestraft de verdediger met een indirecte vrije schop wegens het toespelen van de bal naar de doelverdediger.

Vraag 19: . Een speler die zich op de zijlijn bevindt, beledigt op grove wijze een wisselspeler van de tegenpartij die zich in de dug-out bevindt. De scheidsrechter hoort dit en onderbreekt hiervoor het spel. Hij beslist nu juist als hij:
) De speler een waarschuwing geeft en het spel hervat met een scheidsrechtersbal.
) De speler van het veld stuurt en het spel hervat met een scheidsrechtersbal.
De speler van het veld stuurt en het spel hervat met een directe vrije schop.
) De speler van het veld stuurt en het spel hervat met een indirecte vrije schop.

Vraag 20: . Tijdens het spel onderbreekt de scheidsrechter het spel wegens gevaarlijk spel, omdat een speler te hoog trapt op het moment dat een tegenstander de bal wil koppen. Hoe wordt het spel hervat als bij het trappen ook de tegenstander wordt geraakt?
) De scheidsrechter zal het spel hervatten met een scheidsrechtersbal.
) De scheidsrechter zal het spel hervatten met een directe vrije schop.
) De scheidsrechter zal het spel hervatten met een indirecte vrije schop.
) De scheidsrechter zal het spel hervatten met een directe vrije schop of strafschop.

Vraag 21: . Een aanvaller van partij A maakt binnen het strafschopgebied van partij B hands. Een verdediger van partij B speelt de bal nu uit de toegekende vrije schop richting de zijlijn naar een medespeler. Doordat de verdediger de bal niet goed raakt, verdwijnt de bal binnen het strafschopgebied over de doellijn. Wat beslist de scheidsrechter?
) Hij kent een doelschop toe.
) Hij kent een hoekschop toe.
) Hij laat de vrije schop overnemen.
) Hij kent een doelpunt of hoekschop toe.

Vraag 22: . De doelverdediger wordt bij het wegwerken van de bal gehinderd door een aanvaller die de ontwijkende bewegingen van de doelverdediger volgt. De aanvaller wordt bestraft wegens:
) Gevaarlijk spel.
Onbehoorlijk gedrag.
) Ongeoorloofde obstructie.
Gevaarlijk aanvallen.

Vraag 23: Een toeschouwer probeert binnen het doelgebied de bal tegen te houden, die in het doel dreigt te gaan. Hij raakt de bal, maar deze verdwijnt toch in het doel. Wat is de spelhervatting?
) Een scheidsrechtersbal
Een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal geraakt werd
Een doelschop.
Een aftrap na geldig doelpunt.

Vraag 24: . Bij het nemen van de hoekschop staat een speler van de tegenpartij niet op de vereiste afstand. De hoekschopnemer schiet de bal desondanks rechtstreeks in het doel van de tegenpartij. Wat beslist de scheidsrechter?
Vrije schop voor de hoekschopnemer.
) Overnemen van de hoekschop.
) Doelpunt.
) Vrije schop voor de tegenpartij, omdat de hoekschopnemer had moeten wachten totdat de scheidsrechter ervoor gezorgd had dat de speler op de vereiste afstand ging staan.

Vraag 25: Doelverdediger, staande binnen zijn eigen strafschopgebied maar buiten het doelgebied, slaat de bal die door een medespeler doelbewust met de voet is teruggespeeld, met de hand in het eigen doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Hij kent een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende partij op de plaats waar de doelverdediger de bal raakte.
Hij kent een doelschop toe.
Hij kent een hoekschop toe.
) Hij kent een doelpunt toe.

Vraag 26: . Als tijdens een wedstrijd een strafschop moet worden genomen, neemt een veldspeler de plaats van de doelverdediger in. Mag dat?
) Dat mag wel; hij hoeft niet als doelverdediger herkenbaar te zijn.
Dat mag wel; hij moet wel als doelverdediger herkenbaar zijn.
) Er zijn hieromtrent geen voorschriften.
Dat mag niet.

Vraag 27: . Een speler van de verdedigende partij houdt binnen zijn eigen strafschopgebied, terwijl de bal bij de rechtsbuiten in de omgeving van de hoekvlag binnen het veld in het spel is, een aanvaller vast. De scheidsrechter kent nu:
) Een strafschop toe.
Een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij toe op de plaats van de overtreding, omdat de aanvaller geen doelrijpe kans had.
) Een directe vrije schop voor de aanvallende partij toe op de plaats waar de bal zich bevond op het moment van de overtreding en hij geeft de verdediger een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.
Een indirecte vrije schop voor de aanvallende partij toe op de plaats waar de bal zich bevond op het moment van de overtreding en hij geeft de verdediger een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.

Vraag 28: Een aanvaller geeft de doelverdediger een correcte schouderduw op het moment dat deze één voet van de grond heeft. De doelverdediger valt daardoor met bal en al in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Een directe vrije schop voor de doelverdediger.
Een indirecte vrije schop voor de doelverdediger.
) Een indirecte vrije schop voor de doelverdediger plus een waarschuwing voor de aanvaller door het tonen van de gele kaart.
) Een geldig doelpunt.

Vraag 29: . Eén der ploegen speelt met tien man. Na een kwartier meldt de elfde speler zich. Hoe reageert de scheidsrechter?
Hij wacht tot de bal uit het spel is en laat dan de speler toe.
) Hij geeft de speler een teken dat hij het speelveld in mag komen, terwijl de wedstrijd gewoon doorgaat
) Hij reageert niet; een aanvullende speler kan zonder toestemming het speelveld in.
Hij onderbreekt het spel en laat de speler toe.

Vraag 30: . Uit een hoekschop wordt de bal tegen de paal geschoten. Voordat een andere speler de bal aanraakt, wordt de terugkomende bal door de nemer van de hoekschop, via de doelverdediger, in het doel geschoten. Wat beslist de scheidsrechter?
) Hoekschop overnemen, omdat de bal tweemaal door dezelfde speler werd gespeeld.
) Het doelpunt wordt goedgekeurd.
) Indirecte vrije schop op de plaats waar de bal voor de tweede keer werd gespeeld.
) Directe vrije schop op de plaats waar de bal voor de tweede keer werd gespeeld.

quizzes and tests   Quiz und Tests