Spelregeltrainer veld voor COVS Drachten 1

  1. Ontwikkeld door: Jan Pultrum

Voor oefenen van spelregels veldvoetbal

Vraag 1: 1. Bij het nemen van een doelschop schiet een verdediger de bal tegen de in het strafschopgebied staande scheidsrechter. De bal komt vervolgens bij een tegenstander, die ongeveer een meter buiten het strafschopgebied staat. Deze schiet de bal in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Hij keurt het doelpunt af en geeft een scheidsrechtersbal op de plaats waar hij door de bal werd geraakt.
Hij laat de doelschop overnemen wegens beïnvloeding door de scheidsrechter.
Hij kent een doelpunt toe.
Hij keurt het doelpunt af en geeft een indirecte vrije schop aan de verdedigende partij op de plaats waar hij door de bal werd geraakt.

Vraag 2: 2. Tijdens de wedstrijd onderbreekt de scheidsrechter het spel, omdat een wisselspeler het veld inloopt om een bidon op te rapen, die binnen het speelveld is blijven liggen bij een blessurebehandeling. Hoe zal het spel nu hervat moeten worden?
Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was bij de overtreding.
Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de wisselspeler stond bij de overtreding.
) Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was bij de overtreding.
Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de wisselspeler stond bij de overtreding.

Vraag 3: 3. Twee tegenstanders lopen achter de bal aan, die door de doelverdediger ver naar voren is getrapt. Zonder dat beide spelers de bal nog kunnen spelen, geeft de verdediger de aanvaller een schouderduw. Wat beslist de scheidsrechter?
Hij onderbreekt het spel en hervat het spel met een indirecte vrije schop.
Hij laat gewoon doorspelen.
Hij onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop of strafschop.
Hij onderbreekt het spel en hervat het spel met een directe vrije schop

Vraag 4: 4. Een speler die van het speelveld is gezonden om zich voor een blessure te laten behandelen, komt zonder toestemming van de scheidsrechter weer in het speelveld en speelt nabij de zijlijn de bal met de hand. Wat beslist de scheidsrechter als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?
Hij vermaant deze speler en hervat met een directe vrije schop.
Hij toont deze speler de gele kaart en hervat met een directe vrije schop.
Hij toont deze speler de gele kaart, direct gevolgd door de rode kaart. Het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop.
Hij toont deze speler de gele kaart en hervat met een indirecte vrije schop.

Vraag 5: 5. Partij A krijgt buiten het strafschopgebied een vrije schop te nemen. De nemer van de schop wipt de bal omhoog, waarna een medespeler de bal met de knie terugspeelt op zijn doelverdediger. Deze vangt de bal met zijn handen op en schiet de bal ver het speelveld in. Wat zal de scheidsrechter beslissen?
De nemer van de vrije schop ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag en de tegenpartij krijgt op de plaats waar de vrije schop werd genomen een indirecte vrije schop toegekend.
De nemer van de vrije schop ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag en de vrije schop wordt overgenomen.
) Hij laat doorspelen.
) De tegenpartij krijgt op de plaats waar de vrije schop werd genomen een indirecte vrije schop toegekend.

Vraag 6: . Een aanvaller gaat op het doel van de tegenpartij af en schopt de bal in de richting van het door de doelverdediger verlaten doel. Op de doellijn staat nog een verdediger. Deze is, na verzorgd te zijn, zonder toestemming van de scheidsrechter het speelveld ingekomen. De verdediger voorkomt een doelpunt door de bal uit het doel te koppen. Hoe dient de scheidsrechter te handelen?
Hij onderbreekt het spel, zendt de verdediger van het speelveld door het tonen van de rode kaart wegens het voorkomen van een doelpunt en hervat met een scheidsrechtersbal.
) Hij laat doorspelen en waarschuwt de verdediger tijdens een onderbreking door het tonen van de gele kaart wegens het zonder toestemming betreden van het speelveld.
) Hij onderbreekt het spel, kent een indirecte vrije schop toe en zendt de verdediger van het speelveld door het tonen van de rode kaart wegens het voorkomen van een doelpunt.
) Hij fluit af, geeft een indirecte vrije schop aan de aanvallende partij en geeft de verdediger een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens het zonder toestemming betreden van het speelveld.

Vraag 7: . Om de bal doelbewust op zijn eigen doelverdediger terug te spelen, knielt een speler om de bal zo met zijn knie de bal te doen toekomen. De doelverdediger die zich in zijn eigen strafschopgebied bevindt, raakt de bal vervolgens met de handen aan. Wat beslist de scheidsrechter?
) Indirecte vrije schop op de plaats waar de bal door de verdediger werd teruggespeeld.
Indirecte vrije schop op de plaats waar de doelverdediger de bal met zijn handen aanraakt. Deze vorm van terugspelen wordt namelijk gelijkgesteld aan het terugspelen met de voet.
) Indirecte vrije schop op de plaats waar de bal door de verdediger werd teruggespeeld en een waarschuwing door het tonen van de gele kaart aan de verdediger.
) Doorspelen; er is van een overtreding geen sprake.

Vraag 8: Een verdediger wipt met zijn voet de bal omhoog en kopt hem vanaf de rand van het strafschopgebied terug naar zijn eigen doelman. De doelman vangt de bal op met zijn borst en speelt hem vervolgens naar een andere medespeler.
Wat beslist de scheidsrechter?
Niets, hij laat doorspelen
Hij fluit af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop tegen de verdediger, op de plaats waar de verdediger de bal speelde.
Hij fluit af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop tegen de verdediger, op de plaats waar de verdediger de bal speelde. De verdediger ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.
) Hij fluit af en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop tegen de doelman, op de plaats waar de doelman de bal opving.

Vraag 9: . Een speler neemt een strafschop. De bal wordt hard tegen de punt van de kruising van de lat en de paal geschoten, als gevolg waarvan de bal barst en vervolgens over het doel over de doellijn gaat. Wat beslist de scheidsrechter, nadat hij voor een nieuwe bal heeft laten zorgen?
) Hij laat hervatten met een doelschop.
Hij laat de strafschop overnemen.
Hij hervat met een scheidsrechtersbal, uit te voeren op de lijn welke evenwijdig loopt aan de doellijn, het dichtst bij de plaats waar de bal stuk ging.
Hij hervat met een scheidsrechtersbal, uit te voeren op de kruising van de lijn van het doelgebied en de doellijn.

Vraag 10: Een wisselspeler loopt zich tijdens de wedstrijd nabij de zijlijn warm. Plotseling ziet hij de bal op zich afkomen en hij stopt staande op de zijlijn de bal binnen het speelveld met de voet. De assistent-scheidsrechter maakt de scheidsrechter erop attent, dat de bal de zijlijn niet heeft gepasseerd toen de bal door de wisselspeler werd tegengehouden. Hoe zal het spel nu hervat worden?
) Met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen afgefloten werd.
Met een indirecte vrije schop op de zijlijn.
) Met een scheidsrechtersbal op de zijlijn.
Met een inworp voor de partij die de bal niet het laatste speelde.

Vraag 11: . Terwijl de bal op het middenveld in het spel is, werpt een speler die kwaad is, nabij de zijlijn een graspol naar zijn trainer, die in de instructiezone langs de zijlijn staat. De scheidsrechter ziet dit en onderbreekt het spel. Hoe zal hij verder dienen te handelen?
) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een directe vrije schop op de plaats waar de werpende speler stond.
Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
) Hij toont de speler de rode kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de werpende speler stond.

Vraag 12: . In het doelgebied weet de doelverdediger vallend de bal in zijn bezit te krijgen. Op de grond liggend drukt hij de bal met twee vingers op de grond. Een toegelopen aanvaller trapt voorzichtig de bal onder de hand van de doelverdediger vandaan en weet nu te scoren. Wat moet de scheidsrechter beslissen?
Hij keurt het doelpunt goed, omdat de aanvaller de bal voorzichtig trapte.
Hij keurt het doelpunt goed, omdat de doelverdediger de bal op deze wijze niet in zijn bezit had.
Hij keurt het doelpunt af en laat hervatten met een indirecte vrije schop wegens gevaarlijk spel.
) Hij keurt het doelpunt af en laat hervatten met een directe vrije schop wegens gevaarlijk aanvallen.

Vraag 13: . Na afloop van de officiële speeltijd moet de wedstrijd worden verlengd voor het nemen van een strafschop. De bal stuit vanaf de doellat op de doellijn en belandt vervolgens in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Hij kent geen doelpunt toe. Het doelpunt zou alleen geldig zijn als de bal rechtstreeks van de doellat achter de doellijn was beland.
) Hij kent een doelpunt toe. Einde wedstrijd.
) Hij kent geen doelpunt toe. Het doelpunt zou alleen geldig zijn als de bal door de doelverdediger zou zijn geraakt.
Strafschop overnemen.

Vraag 14: Een verdediger (niet de doelverdediger), staande op de doellijn, probeert met zijn hand de bal uit het doel te slaan. Hij raakt hierbij de bal niet goed, waardoor deze toch in het doel verdwijnt. Wat zal de scheidsrechter moeten beslissen?
Hij toont de verdediger de rode kaart en hervat het spel met een strafschop.
) Hij toont de verdediger de rode kaart en keurt het doelpunt goed.
) Hij vermaant de verdediger en keurt het doelpunt goed.
Hij toont de verdediger de gele kaart wegens onsportief gedrag en keurt het doelpunt goed.

Vraag 15: Tijdens een oponthoud in de eerste helft geeft de trainer aan dat hij wil wisselen. De betrokken speler wil echter het speelveld niet verlaten en de aanvoerder is ook tegen deze wissel. Wat zal de scheidsrechter nu moeten beslissen?
) Hij draagt de betrokken speler op het speelveld te verlaten om zich te laten wisselen.
Hij toont de betrokken speler een rode kaart wegens onbehoorlijk gedrag en laat geen wisselspeler toe.
) Hij laat niet wisselen en gaat verder met de wedstrijd.
Hij geeft de betrokken aanvoerder opdracht om de wissel uit te voeren.

Vraag 16: Een schouderduw ten opzichte van de doelverdediger zal te allen tijde moeten worden bestraft als:
De bal voor de doelverdediger die de duw ontvangt, niet binnen speelbereik is
De doelverdediger de schouderduw ontvangt binnen zijn strafschopgebied.
) De doelverdediger de schouderduw ontvangt binnen zijn doelgebied.
De bal voor de duwende speler niet binnen speelbereik is.

Vraag 17: . Kort voor de rust kent de scheidsrechter een doelpunt toe, hoewel de assistent-scheidsrechter heeft gevlagd voor een overtreding. Onmiddellijk daarna constateert de scheidsrechter dat het tijd is en hij fluit voor de rust. In de kleedkamer overtuigt de assistent-scheidsrechter de scheidsrechter van zijn gelijk. De scheidsrechter deelt vervolgens aan de aanvoerders mede, dat hij dit doelpunt alsnog heeft geannuleerd. Is dit juist?
Ja, doch uitsluitend na overleg met de aanvoerders
Ja, want het spel was nog niet hervat met een beginschop na een gescoord doelpunt.
) Neen, een toegekend doelpunt kan op dat moment niet meer worden geannuleerd.
) Ja.

Vraag 18: . Een speler heeft het speelveld moeten verlaten wegens een overtreding van regel 4. Zonder toestemming van de scheidsrechter betreedt hij het speelveld om zich bij zijn team te voegen. Wat moet de scheidsrechter beslissen als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?
) De speler ontvangt een vermaning en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop.
) Hij toont deze speler een gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de zijlijn waar hij het speelveld betrad.
) Hij toont deze speler een gele kaart en laat het spel hervatten met een indirecte vrije schop op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.
Hij toont deze speler een gele kaart en laat het spel hervatten met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen het spel werd onderbroken.

Vraag 19: Een doelverdediger wordt bij het wegwerken van de bal gehinderd door een aanvaller, die de ontwijkende bewegingen van de doelverdediger volgt. De aanvaller moet nu worden bestraft wegens:
Onvoorzichtig aanvallen.
) Voorkomen dat de doelverdediger de bal uit zijn handen in het spel kan brengen.
Gevaarlijk spel.
) Onsportief gedrag.

Vraag 20: De doelverdediger leunt ter hoogte van de strafschopstip op de schouders van een medespeler en kan zo de bal weer het speelveld in stompen. Wat beslist de scheidsrechter?
Doorspelen
Affluiten. Het spel hervatten met een strafschop en een waarschuwing voor de doelverdediger
Affluiten. Het spel hervatten met een indirecte vrij schop.
) Affluiten. Het spel hervatten met een indirecte vrije schop en een waarschuwing voor de doelverdediger.

Vraag 21: Om een tegenstander te ontlopen, loopt een speler van partij A een aantal meters langs de zijlijn buiten het speelveld. Een speler van partij B, die binnen het speelveld loopt, brengt hem buiten het speelveld opzettelijk ten val door zijn been uit te steken. De scheidsrechter fluit en stuurt de speler van B van het speelveld. Hoe moet het spel nu hervat worden?
Met een directe vrije schop tegen partij B op de zijlijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de overtreding plaatsvond.
Met een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal was toen werd afgefloten.
) Met een indirecte vrije schop tegen partij B op de plaats waar de bal was toen werd afgefloten.
Met een directe vrije schop tegen partij B op de plaats waar de bal was toen werd afgefloten.

Vraag 22: De lijnen die een speelveld afbakenen:
) Moeten minimaal 10 en maximaal 12 cm breed zijn.
Mogen niet breder zijn dan 12 cm.
Er zijn geen voorschriften.
Mogen niet breder zijn dan 10 cm.

Vraag 23: Wanneer is de bal uit het spel, terwijl deze toch niet over een doel- of zijlijn is gegaan?
Bij elke buitenspelsituatie.
Na elke onderbreking door de scheidsrechter.
Indien de assistent-scheidsrechter een vlagsignaal geeft.
) Blessure van een speler.

Vraag 24: Een speler komt vlak na rust terug als het spel weer is begonnen. Bij een aanval op zijn doel loopt hij zonder toestemming van de scheidsrechter het veld op en brengt in zijn eigen strafschopgebied een tegenstander onvoorzichtig ten val. Wat beslist de scheidsrechter?
) De speler wordt weggezonden (twee waarschuwingen – onsportief gedrag en onreglementair ten val brengen) door het tonen van de gele en vervolgens de rode kaart. Het spel wordt hervat met een strafschop.
Strafschop en een gele kaart voor deze speler.
Strafschop.
) Hij toont deze speler een gele kaart wegens onbehoorlijk gedrag en laat hervatten met een indirecte vrije schop.

Vraag 25: Welke vorm van doelpalen is niet toegestaan?
) Vierkant.
) Rond of ovaal.
Halfrond.

Vraag 26: Als de scheidsrechter voor het begin van de wedstrijd wil gaan fluiten, ziet hij een speler zijn tegenstander, die tegenover hem staat, slaan. Hoe zal de scheidsrechter moeten reageren?
Hij zendt de slaande speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en staat wel een vervanger toe.
Hij laat de slaande speler gewoon meespelen, maar meldt het voorval wel bij de bond.
Hij zendt de slaande speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en kent een directe vrije schop toe.
Hij zendt de slaande speler van het speelveld door het tonen van de rode kaart en staat geen vervanger toe.

Vraag 27: Er moet een lijntje op de doellijn worden aangebracht buiten het speelveld om ervoor te zorgen, dat de afstand van 9,15 meter in acht wordt genomen. Deze 9,15 meter dient te worden gemeten vanaf:
De hoekvlaggenstok
De kwartcirkel.
Het strafschopgebied, het dichtst gelegen bij het betreffende hoekschopgebied.
) Het centrum van het hoekschopgebied.

Vraag 28: . Een speler van de verdedigende partij gooit een scheenbeschermer tegen de bal, die daardoor naast in plaats van in het doel gaat. De scheidsrechter onderbreekt het spel en zendt de betreffende speler van het speelveld. Hoe dient hij het spel nu te laten hervatten?
) Met een indirecte vrije schop.
Met een strafschop.
) Met een scheidsrechtersbal.
Met een hoekschop.

Vraag 29: Wanneer is in beide gevallen de spelhervatting een indirecte vrije schop?
) Het leunen op een tegenstander en tijdrekken
) Spelen op een gevaarlijke wijze en twee spelers van dezelfde partij plegen tegenover elkaar een gewelddadige handeling.
Na onvoorzichtig aanvallen van een tegenstander en het beledigen van de scheidsrechter.
Ongeoorloofde obstructie en het springen naar een tegenstander.

Vraag 30: . Na afloop van de officiële speeltijd moet de wedstrijd worden verlengd voor het nemen van een strafschop. De bal wordt tegen de doellat geschoten en belandt via de rug van de doelverdediger in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Doelpunt. De strafschop had zijn uitwerking nog niet gehad toen de bal terugkwam van de doellat.
Geen doelpunt. De strafschop had zijn uitwerking gehad toen deze tegen de doellat kwam.
) Geen beslissing. De kwestie voorleggen aan de betrokken bond.
) Strafschop overnemen.

Vraag 31: Wat beslist de scheidsrechter als bij een aftrap na geldig doelpunt de bal rechtstreeks in het doel van de tegenpartij wordt geschoten?
) Scheidsrechtersbal op de middenstip.
Aftrap opnieuw laten nemen.
Doelschop toekennen.
) Doelpunt toekennen.

Vraag 32: . Onmiddellijk nadat de wedstrijd is begonnen, ziet de scheidsrechter dat de doelverdediger met de hak van zijn schoen in zijn doelgebied een gleuf maakt om hem te helpen bij het bepalen van zijn positie in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
Hij onderbreekt het spel, toont de doelverdediger de gele kaart en hervat met een indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding
Hij laat doorspelen.
Hij onderbreekt het spel, toont de doelverdediger de gele kaart en hervat met een indirecte vrije schop op de lijn van het doelgebied
Hij wacht tot de eerstvolgende onderbreking en toont vervolgens de doelverdediger de gele kaart wegens onsportief gedrag.

Vraag 33: . Terwijl het spel “dood” is, beledigt een wisselspeler vanuit de dug-out de scheidsrechter. Wat moet de scheidsrechter beslissen?
Hij geeft de wisselspeler een waarschuwing door het tonen van de gele kaart.
Hij geeft opdracht om de wisselspeler achter de afrastering te laten plaatsnemen.
Hij geeft de wisselspeler een vermaning.
) Hij stuurt de wisselspeler van het veld door het tonen van de rode kaart.

Vraag 34: . Een te laat gekomen speler loopt bij een aanval op zijn eigen doel zonder toestemming van de scheidsrechter het speelveld in en brengt in zijn eigen strafschopgebied een doorgebroken tegenstander ten val. Wat beslist de scheidsrechter?
) Strafschop + wegzenden van deze speler door het tonen van de rode kaart wegens ernstig gemeen spel.
) Strafschop.
Strafschop + waarschuwing door het tonen van de gele kaart voor deze speler wegens ernstig gemeen spel.
) Indirecte vrije schop + waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag.

Vraag 35: . Bij een duel nabij de zijlijn raakt een aanvaller geblesseerd. Deze speler verlaat daarom kort hierna het speelveld om verzorgd te worden. De bal is op dat moment aan de andere kant van het speelveld en de scheidsrechter heeft geen toestemming verleend. Hoe reageert hij?
) Hij laat doorspelen, maar geeft de geblesseerde speler een waarschuwing zodra de gelegenheid zich voordoet wegens het zonder toestemming en doelbewust verlaten van het speelveld.
Hij onderbreekt het spel, geeft de geblesseerde speler een waarschuwing en hervat met een scheidsrechtersbal.
Hij laat doorspelen en neemt verder geen maatregelen tegen de geblesseerde speler.
Hij onderbreekt het spel, vermaant de geblesseerde speler en hervat met een scheidsrechtersbal.

Vraag 36: Een wedstrijd mag volgens de regels niet worden begonnen, wanneer:
) Er 8 spelers zijn van de ene en 11 spelers van de andere partij.
) Elke partij 9 spelers heeft, waarvan één de doelverdediger moet zijn.
) Iedere partij 7 spelers heeft, waarvan één de doelverdediger moet zijn.
Er van een partij niet meer dan 6 spelers zijn.

Vraag 37: Wanneer is de speeltijd verstreken?
Als de tijd op het uurwerk van de scheidsrechter verstreken is.
Als het eindsignaal klinkt
Als de tijd op het uurwerk van de scheidsrechter verstreken is, maar hij moet wel de uitwerking van een hoekschop afwachten.
Als de tijd op het uurwerk van de scheidsrechter verstreken is, maar hij moet wel de uitwerking van een schot op doel afwachten.

Vraag 38: . Een speler wordt buiten het speelveld behandeld voor een blessure. Wanneer en waar mag hij tijdens het spel het speelveld weer betreden?
Nadat hij toestemming heeft gekregen van de scheidsrechter alleen ter hoogte van de middenlijn.
Nadat hij toestemming heeft gekregen van de scheidsrechter vanaf iedere willekeurige plaats.
) Nooit, omdat het spel moet zijn onderbroken.
Nadat hij toestemming heeft gekregen van de scheidsrechter vanaf (elke plek op) een zijlijn.

Vraag 39: Als het spel “dood” is, meldt een speler zich correct af. De wisselspeler heeft zich correct aangemeld en wacht bij de zijlijn. Op weg naar de zijlijn beledigt de te vervangen speler binnen het speelveld de assistent-scheidsrechter. Wat beslist de scheidsrechter?
De wisselspeler mag zijn plaats innemen en de scheidsrechter rapporteert het voorval aan de bond.
De te vervangen speler wordt weggestuurd; de wisselspeler mag zijn plaats niet innemen.
) De te vervangen speler ontvangt een waarschuwing; de wisselspeler mag zijn plaats innemen.
De te vervangen speler wordt weggestuurd; de wisselspeler mag zijn plaats innemen.

Vraag 40: Een inwerpende speler gooit de bal rechtstreeks terug op zijn eigen doelverdediger, die zich buiten zijn eigen strafschopgebied bevindt. Vervolgens dribbelt deze doelverdediger met de bal zijn eigen strafschopgebied binnen, neemt de bal in zijn handen en schiet hem ver het speelveld in. Wat zal de scheidsrechter nu beslissen?
Hij kent een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende partij en de doelverdediger ontvangt een waarschuwing.
Hij kent een directe vrije schop toe aan de aanvallende partij.
) Hij kent een indirecte vrije schop toe aan de aanvallende partij.
Doorspelen.

Vraag 41: Een aanvaller die zich achter de doellijn heeft teruggetrokken om zich aan buitenspel te onttrekken, schreeuwt in die positie een aanwijzing naar een medespeler, die ter hoogte van de strafschopstip in het bezit van de bal is. De scheidsrechter fluit af en geeft de schreeuwende speler een waarschuwing. Hoe hervat hij het spel?
Een scheidsrechtersbal op de plaats waar de bal zich bevond toen afgefloten werd.
Een indirecte vrije schop vanaf de plaats waar de bal zich bevond toen afgefloten werd.
) Een scheidsrechtersbal op de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de schreeuwende speler stond.
) Een indirecte vrije schop op de doellijn, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de schreeuwende speler stond.

Vraag 42: . Wie bepaalt op welk doel de serie strafschoppen na het einde van een wedstrijd wordt genomen?
) De partij die bij de aanvang van de wedstrijd de beginschop nam, wordt door de scheidsrechter aangewezen.
De scheidsrechter
) De partij die bij de aanvang van de tweede helft de beginschop nam, wordt door de scheidsrechter aangewezen.
De scheidsrechter, na overleg met de beide aanvoerders.

Vraag 43: Bij het nemen van een strafschop wordt de doelverdediger misleid doordat op het moment van schieten de strafschopnemer iets roept. Wat beslist de scheidsrechter indien de bal in het doel gaat?
Directe vrije schop tegen de strafschopnemer.
Doelpunt.
) Indirecte vrije schop tegen de strafschopnemer.
) Overnemen van de strafschop.

Vraag 44: Voor een bepaalde overtreding wordt een indirecte vrije schop toegekend. Dit is een juiste beslissing. De scheidsrechter geeft een fluitsignaal, maar vergeet zijn arm omhoog te steken. De bal wordt vervolgens van buiten het strafschopgebied direct in het doel van de tegenpartij geschoten. Welke beslissing neemt de scheidsrechter, als hij zijn fout bemerkt?
) Doelschop.
) Doelpunt toekennen.
Indirecte vrije schop voor de tegenpartij op dezelfde plaats waar de eerste schop werd genomen.
) De vrije schop wordt overgenomen, nadat de scheidsrechter heeft laten weten dat hij verzuimd heeft zijn arm omhoog te steken.

Vraag 45: . De doelverdediger van partij A en een aanvaller hebben ruzie. Plotseling gooit de doelverdediger, staande in zijn eigen strafschopgebied, doch niet in het doelgebied, opzettelijk en met kracht de bal tegen het hoofd van de aanvaller aan, die één meter achter de doellijn naast het doel staat. De scheidsrechter stuurt de doelverdediger van het speelveld door het tonen van de rode kaart. Hoe wordt het spel hervat?
) Hoekschop.
Scheidsrechtersbal op de plaats waar de doelverdediger stond, toen hij de bal gooide.
) Strafschop.
) Indirecte vrije schop voor de aanvallende partij op de plaats waar de doelverdediger stond, toen hij de bal gooide.

Vraag 46: Welke vorm van reclame is toegestaan binnen de instructiezone?
Geen enkele vorm van reclame is toegestaan.
Logo van de KNVB.
Logo van de thuisspelende partij.
Reclame op borden lager dan 1,20 meter.

Vraag 47: . In de 35e minuut van de eerste helft wordt een speler zijn tweede gele kaart getoond. Het ontgaat de scheidsrechter evenwel dat dit zijn tweede is. Hij komt er pas in de rust achter. Hoe dient hij nu te handelen?
Hij kan niets meer doen.
Hij meldt het voorval bij de bond, maar laat de speler verder spelen.
Hij ontzegt hem alsnog het verder meespelen en meldt het voorval bij de bond.
Hij kan hem pas wegsturen als hem nogmaals de gele of rode kaart wordt getoond.

Vraag 48: Twee tegenstanders trappen tegelijk de bal, waarna deze terechtkomt bij een strafbaar buitenspel zijnde speler van de aanvallende partij. Deze benut zijn kans en schiet de bal in het doel. Wat beslist de scheidsrechter?
) Doelpunt toekennen.
) Buitenspel en doelpunt afkeuren.
) Hoekschop.
) Scheidsrechtersbal.

Vraag 49: . Een veldspeler die een tegenstander duwt, moet alleen worden bestraft met een directe vrije schop c.q. strafschop, indien dit:
) Met twee handen gebeurt.
) Geen correcte schouderduw is.
Naar het oordeel van de scheidsrechter gebeurt.
Onvoorzichtig, onbesuisd of gepaard gaande met buitensporige inzet gebeurt.

Vraag 50: Een wisselspeler, die zonder toestemming van de scheidsrechter zijn team heeft gecompleteerd, wordt in het strafschopgebied van de tegenpartij door een tegenstander op een buitensporige wijze tegen de benen geschopt. Op dat moment constateert de scheidsrechter, dat deze wisselspeler zich tegen de regels op het speelveld bevindt. Hoe reageert de scheidsrechter, als hij hiervoor het spel heeft onderbroken?
Hij stuurt de schoppende speler van het speelveld, geeft de wisselspeler een waarschuwing en hervat het spel met een indirecte vrije schop tegen de schoppende speler.
Hij stuurt de schoppende speler van het speelveld, geeft de wisselspeler een waarschuwing en hervat het spel met een strafschop tegen de schoppende speler
) Hij stuurt de schoppende speler van het speelveld, geeft de wisselspeler een waarschuwing en hervat het spel met een indirecte vrije schop tegen de wisselspeler.
Hij stuurt de schoppende speler van het speelveld, geeft de wisselspeler een waarschuwing en hervat het spel met een scheidsrechtersbal.

t < 1 h

Oordeel:



2163 keer opgeroepen
De quiz is ontwikkeld op: 2011-02-01

Ontwikkeld door:

Geef je oordeel!

zeer slecht   zeer goed
 
1 2 3 4 5

quizzes and tests   Quiz und Tests